Multimove

multimove

 

Als sportclub hechten we veel belang aan de breed motorische ontwikkeling. Zo zitten onze spelers van OnderBouw eenmaal per week in de sporthal voor een sessie van de bewegingsacademie die gebonden is aan de bewegingsdomeinen van Multi Move: http://www.multimove.be

MultiMove is een gevarieerd bewegingsprogramma op niveau van jonge kinderen waarin de ontwikkeling van de 12 fundamentele bewegingsvaardigheden centraal staat. 
 

Dit alles is in samenwerking met Move United.
                                                     

Doelstellingen: 

  • Ouders en begeleiders kennen het belang en de mogelijkheden van de motorische ontwikkeling van het kind, met het accent op brede vorming en plezierbeleving (kennisontwikkeling). 

  • Spelers die regelmatig deelnemen gaan er significant op vooruit, terwijl kinderen die enkel een klassiek bewegingsaanbod volgen eerder op hun zelfde niveau blijven hangen. 

  • Multi Move onderstreept het belang van een brede motorische ontwikkeling en kan de start betekenen van een gezonde en levenslange sport- en bewegingsparticipatie.

 

De 12 bewegingsvaardigheden:

 Dribbelen

   

dribbelen

  Dribbelen is een vaardigheid waarbij men een voorwerp met de hand, de voet of een ander voorwerp door herhaald tikken in beweging houdt of drijft. Het contact en de impuls zijn kort en het voorwerp blijft binnen het bereik van wie dribbelt. 

 Glijden

   

glijden

  Glijden is een vaardigheid waarbij het lichaam of een lichaamsdeel, al dan niet in direct contact met de ondergrond, zich met of zonder hulpmiddel verplaatst of wordt verplaatst. 

 Heffen en dragen

   

heffendragen

 

Heffen is een vaardigheid waarbij men een voorwerp of een lichaamsdeel over een bepaalde afstand in het verticaal vlak verplaatst.

Dragen is een vaardigheid waarbij men een voorwerp vasthoudt en waarbij de drager zich al dan niet verplaatst.

  

 Klimmen

   

klimmen

 

Sluipen is een vaardigheid waarbij men zich in buiklig horizontaal voortbeweegt en waarbij het volledige lichaam steeds contact houdt met de grond.

Kruipen is een vaardigheid waarbij men zich op handen, voeten en knieën horizontaal voortbeweegt.

Klauteren is een vaardigheid waarbij men zich op handen, voeten en knieën schuin opwaarts voortbeweegt.

Klimmen is een vaardigheid waarbij men zich met handen en voeten verticaal voortbeweegt.

Roteren

   

roteren

  Roteren is een vaardigheid waarbij het lichaam of een lichaamsdeel draait (wijzerzin of tegenwijzerzin) rond de lengteas, breedteas of diepteas.

Slaan

   

slaan

  Slaan is een vaardigheid waarbij men een voorwerp met de hand, de arm of een slagvoorwerp gericht raakt, al dan niet in beweging brengt en waarbij het contact en de impuls kort zijn.

Springen en landen

   

springenlanden

  Springen is een vaardigheid die wordt gekenmerkt door een afstoot, een zweeffase en een landing, al dan niet voorafgegaan door een aanloop. Springen wordt opgedeeld in steunspringen (handen als steun gebruiken), ondersteund springen (met hulp) en vrij springen.

Trappen

   

trappen

  Trappen is een vaardigheid waarbij men met de voet, het onderbeen of de dij een voorwerp of lichaam doelgericht raakt, al dan niet in beweging brengt en waarbij het contact en de impuls kort zijn.

Trekken en duwen

   

trekkenduwe 

 

Trekken is een vaardigheid waarbij men een last met het lichaam, een lichaamsdeel of een hulpmiddel al dan niet in beweging brengt. De trekker bevindt zich steeds voor de last.

Duwen is een vaardigheid waarbij men een last met het lichaam, een lichaamsdeel of een hulpmiddel al dan niet in beweging brengt. De duwer bevindt zich steeds achter de last.

Vangen en werpen

   

werpenvangen

 

Vangen is een vaardigheid waarbij men met de handen of een hulpmiddel een voorwerp opvangt dat beweegt met een bepaalde snelheid en volgens een bepaalde richting.

Werpen is een vaardigheid waarbij men een voorwerp met de handen of een hulpmiddel projecteert en waarbij het contact en de impuls lang zijn.

Wandelen en lopen

   

wandelenlopen

 

Wandelen is een vaardigheid die gekenmerkt wordt door een periode van dubbele steun waarbij beide voeten contact maken met de grond.

Lopen is een vaardigheid die gekenmerkt wordt door een zweeffase waarbij beide voeten gelijktijdig een moment van de grond zijn.

Zwaaien

   

zwaaien

 

Zwaaien is een overkoepelende term voor hangen, slingeren en schommelen.

Hangen is een vaardigheid waarbij men zich met het lichaam of een lichaamsdeel aan een toestel houdt, waarbij het toestel het lichaamsgewicht deels of volledig draagt, al dan niet zonder de grond te raken.

Slingeren is een vaardigheid waarbij men het lichaam of een lichaamsdeel, al dan niet m.b.v. een toestel, een heen- en weergaande beweging maakt en waarbij het toestel deze beweging niet ondersteunt.

Schommelen is een vaardigheid waarbij men m.b.v. een toestel, een heen- een weergaande beweging maakt en waarbij het toestel deze beweging ondersteunt.


  “Wie enkel verstand heeft van voetbal, heeft er geen verstand van” (J. Mourinho)

multimove1


Het project is een initiatief van Vlaams minister van Sport Muyters en wordt gerealiseerd met de steun van de Vlaamse overheid. Dit wordt gerealiseerd door een samenwerking tussen de Vlaamse Sportfederatie (VSF), ISB, de universiteiten met een opleiding Lichamelijke Opvoeding, en de Vlaamse Trainersschool.

y

willems veranda'splastiek hofstadebetfirstdsLOGO STERCKX MEDIA Cornelis SnackscofiacCoach Partne logo Smallarijs De Pauw Containers LOGO FINAL Smallgosport  conversal dorstuur css